Volledig scherm
PREMIUM
© Getty Images

Drie euro voor een bodempje doods bier

ColumnDoorgaans ben ik best feministisch ingesteld, met een mening over zaken als glazen plafonds en salariskloven. Maar er is één omstandigheid waarbij de rol van hulpeloze vrouw me ineens heel goed past; als met carnaval de beheerder van de pot zwaait met geld, omdat het tijd is om voor het inmiddels flink uitgedijde, buitengewoon gezellige conglomeraat van vrienden, kennissen en collega’s bier te halen. 

Die drukke bar, de barman die je niet verstaat, het graven in je tasje tussen reserve-nepwimpers en glitterlippenstift op zoek naar voldoende geld; dat is al een ingewikkelde exercitie, die ik liever aan anderen overlaat. Maar daarna begint het pas echt. Door een hossende menigte terug. Natuurlijk zijn de traytjes op, dus dan maar met je vingers in de plastic glazen. Buik in, handen met elk vijf biertjes vast omhoog en zijwaarts schuifelend naar - vanzelfsprekend - de verste uithoek van de kroeg. Het roepen van ‘Pas op! Personeel!’, is een vooral onder mannen populaire strategie om zich een weg door de massa te banen. Zelf hou ik het op een vriendelijk en tegelijkertijd verontschuldigende lachje. En dan maar hopen dat de dj een beetje meewerkt, want liever even geen polonaises, Links Rechts van de Snollebollekes, of dat nummer met trompetgeschal waarbij de hele kroeg op z’n hurken gaat zitten om daarna uitgelaten omhoog te springen (Der Alte Dessauer heet het).