Volledig scherm
N.C.B. Emigratiecursus in Zeeland (1950). Cursusleider is J. de Bok, hoofd van de ULO in Gemert. Fotobureau Het Zuiden. Collectie BHIC © BHIC

‘Als moeder de vrouw bij emigratie niet kan aarden, gaat het mis’

Stille getuigenIn de rubriek Stille getuigen koppelt historicus John van Zuijlen actuele zaken uit de regio aan nieuws uit vroeger tijden. Vandaag: de na-oorlogse emigratie.

Waarom zou iemand willen vertrekken uit het naoorlogse Oss? Er was in de wederopbouwtijd immers hoop op een nieuwe, welvarende toekomst. De later zo betreurde gesloopte mooie gebouwen stonden er nog en de welstand was nog van kracht. Verder bood de industrie werkgelegenheid en ontwikkelde het onderwijs zich voorspoedig.

Quote

We zijn door God geroepen om te emigreren

Bisdom Den Bosch

Toch liepen de zalen vol als er voorlichting werd gegeven over emigratie naar Canada, Australië of Nieuw-Zeeland. Vooral jonge mensen en met name de zonen van kleine boeren uit grote gezinnen wilden weg. In de omliggende plaatsen was het net zo. In de industrie gaan werken was voor veel boeren geen optie.

Tegengeluid

Er zouden in 1955 in Noordoost-Brabant zo'n 3.950 boeren te veel zijn. Volgens de boerenorganisatie NCB was er ‘veel verborgen werkloosheid onder jonge boeren in het Maasland’. Daarom riep de NCB 'zelfstandige fiere kerels met lef' op om te gaan emigreren. Toch klonk er een tegengeluid. Op de Jonge Boerendag van 1948 in Oss waarschuwde Th. van Steen dat Nederland al die jonge landgenoten bij de wederopbouw niet kon missen. Maar katholiek vakbondsman en raadslid Bernard van Buël vond in 1949 ‘emigratie de beste manier om van boeren geen proletariërs te maken’. En het Bisdom Den Bosch propageerde: ‘We zijn door God geroepen om te emigreren’.

Emigratiebureau

Wie informatie wilde, kon in Oss iedere twee weken terecht bij een speciaal ‘emigratiebureau’ in de Monsterstraat. Daarnaast waren er tot in de verre omgeving ‘emigratiedagen’ en bijeenkomsten van de NCB, de Jonge Boeren Stand, de Boerinnenbond en de Katholieke Arbeiders Beweging. Ook werden er op tal van plaatsen cursussen Engels gegeven. Zoals in Megen door de leraar Engels van het Gymnasium (tien deelnemers) en twee avonden in de week in Oss bij café Van Leur in de Molenstraat (dertig deelnemers).

Positie van de vrouw

Veel aandacht was er voor de positie van de vrouw: ‘Als moeder de vrouw niet kan aarden, gaat het mis’. In Geffen probeerden de Boerinnenbond en burgemeester Van Zijl zo’n mislukking al bijtijds te voorkomen. Op een contactdag voor moeders in de Mariaschool in 1949 betoogde de burgemeester dat vrouwen die gingen emigreren het straks naar hun zin moeten hebben en in goed Engels hun boodschappen moeten kunnen doen.

Moet een vrouw vinden

Dat vrouwen gingen emigreren was voor Nieuw-Zeeland van het grootste belang. Daar konden veel ‘Hollandse vrijgezellen’ moeilijk een vrouw vinden. Daarom zei zelfs minister Suurhoff van Sociale Zaken in 1955: 'Er moeten meer meisjes naar Nieuw-Zeeland emigreren'.

Gaten in de samenleving

De emigratiegolf sloeg gaten in de lokale samenleving. Zo verloor Nistelrode in 1950 zijn gevierde melkboer Frans van den Hogen. En harmonie Union in Nuland zag in 1952 ‘een der beste muzikanten’ in de persoon van W. v.d. Doelen vertrekken. In Geffen vertrok gezinsverzorgster Gerdina Willemse in 1953 naar Canada en in juli 1954 werden in Schaijk Lies Appelhof en verloofde Cor Bens per touringcar door familie en vrienden naar Schiphol gebracht vanwaar zij naar Christchurch in Nieuw Zeeland vertrokken. Alleen vanuit Heeswijk wilde niemand emigreren.