Volledig scherm
De bewoners van het Montfortanenklooster in Oirschot met vlnr Piet Schoen, de pas al verhuisde pater Charles Voncken, Charles Heijnen, overste Piet Derckx, Jan Bechtold, Richard Schreurs (een bezoekende pater) en Jo van Osch. Op 12 december trekken ze de grote deur van het klooster definitief achter zich dicht. foto Jurriaan Balke

DAGBLOG: Boek Montfortanen in Oirschot gesloten

ED-redacteur Linda Derksen liep op 16 november een dag mee met de paters Montfortanen in Oirschot. Ze hield ons op de hoogte over het leven van de paters, die na 108 jaar Kasteel Bijsterveld verlaten. In het ED van zaterdag 26 november leest u in een uitgebreide reportage meer.

De Montfortanen nemen zondagochtend 27 november met een eucharistieviering afscheid van het dorp. Op zaterdag 17 december houdt de gemeente Oirschot tussen 11.00 en 14.00 uur een open dag in het kloostergebouw en de kapel.

Je browser ondersteunt geen iframes.
Bekijk de slideshow.Bron: Congregatie Montfortanen

22.30 uur: Boek gaat nu echt dicht
De paters zijn nog goed bij de les. ’s Avonds wordt bij een glaasje bier, wijn of wodka het wereldnieuws doorgenomen. Vervolgens komen er altijd wel sterke verhalen uit de missie bovendrijven, waarop eenieder zijn eigen variant blijkt te hebben.

Na een leven lang de handen uit de mouwen gestoken te hebben, verstaan de paters nu de kunst van het rusten. Ze leven volgens een strak ritme van gezamenlijk eten, drinken en bidden. Tussendoor zonderen ze zich af op hun kamer. Het klooster is een gehorig gebouw, toch doorbreken alleen de ophalers van oud-ijzer (overdag) of de mensen die naar een buurtbijeenkomst in een kloosterzaal zijn gekomen (avond) af en toe de doodse stilte. Hoe komen paters die op missie vele avonturen hebben meegemaakt, de dag door in een bijna uitgestorven klooster? “Ik slaap overdag niet, maar op mijn leeftijd is de tijd al snel nuttig besteed nietwaar?”, aldus de 81-jarige Piet Schoen. “Op aanraden van de dokter wandel ik vaak. En ik lees ook veel, want er zijn nog zoveel dingen die ik zou willen lezen. Via e-mail houd ik verder contact met Brazilië.”



Een genoeglijke avond bij de paters



Dat de levenskwaliteit in zo’n kleine groep te wensen overlaat, maakt de verhuizing op 12 december makkelijker. De paters hebben er zelf met het volle verstand voor gekozen. “Ik heb eigenlijk altijd geleefd met de gedachte dat ik in Vroenhof mijn oude dag zou slijten”, zegt Jo van Osch over hun nieuwe onderkomen in Valkenburg. Daar staat een Montfortanenklooster dat speciaal gebouwd is om onderdak te bieden aan paters die terugkeren uit de missie. In Limburg kampen ze met dezelfde problemen, alleen is het gedeelte dat de Montfortanen tot hun beschikking hebben kleiner en zit er een verzorgingshuis in hetzelfde pand. Door de samenvoeging krijgen twaalf paters en drie zusters er de leefomgeving die ze verdienen. Ook al is daarmee het boek van de Montfortanen in Oirschot na 108 jaar uit.

19.30 uur: Broeder Heijnen bouwde Zaïre mee op

De dag van de paters Montfortanen kabbelt voort. De avond wordt ingeleid met gebed in de kleine kapel, waarna een broodmaaltijd volgt.

Na het eten stapt Charles Heijnen (75) met de afwas de lift in. De enige broeder van het gezelschap is de klusjesman in huis. Als hij niet veel later terugkeert uit de keuken, nemen we plaats in de leeszaal voor een nadere kennismaking.



Heijnen blijkt timmerman van beroep. Hij heeft er 22 jaren missiewerk opzitten in Zaïre, het huidige Congo. Hij bouwde er niet alleen kerken maar ook scholen, bruggen en huizen en werkte er aan bouwprojecten zoals een kweekschool, een leprahuis en een internaat voor meisjes. “In Afrika ga je terug naar de basis. Alles moet je zelf doen, denk aan putten slaan voor water en boomstammen aanvoeren naar de zagerij.”

Toen het eind 1990 politiek echt te heet werd onder zijn voeten, is Heijnen teruggekomen naar Nederland en heeft hij zijn intrek genomen in kasteel Bijsterveld.

“Als je het buitenleven gewend bent, dan komen de muren op je af”, herinnert de broeder zich zijn eerste weken binnen de Oirschotse kloostermuren. Op het complex van de Montfortanen had Heijnen lang zijn eigen werkplaats. De machines zijn inmiddels naar de missie gestuurd. Nu helpt hij mee met het verhuizen. “Was de verhuizing maar achter de rug”, verzucht broeder Heijnen die terugkeert naar zijn Limburgse roots.

“Het valt tegen om alles hier achter te moeten laten. Het personeel is ontzettend goed geweest voor ons. Hopelijk is het in Valkenburg ook zo’n vrolijke bedoening.”

Met die woorden trekt broeder Heijnen zich terug. Het is muisstil als ik door de kloostergangen naar mijn tijdelijke onderkomen dwaal. Maar om negen uur komen de bewoners nog een keer hun kamer uit om onder het genot van een borrel de avond samen goed af te sluiten.

17.30 uur: Werken in de missie

Zoals al eerder gememoreerd, was het Montfortanenklooster in Oirschot lang een opleidingscentrum voor missionarissen. Montfortanen zijn volgelingen van Louis-Marie Grignion de Montfort (1673-1716).


Deze priester uit Bretagne vroeg volgens de overlevering om een ‘klein en arm gezelschap van goede priesters.’

Drie van de vier paters die nu nog in kasteel Bijsterveld wonen, brachten de belangrijkste jaren van hun leven op (ieder) een ander continent door. Piet Schoen zat 35 jaar in Brazilië, Jan Bechtold deed vijftig jaar zendelingenwerk in Malawi en overste Piet Derckx zette zich veertig jaar in voor de armste bevolking van Indonesië.


Dat een missionaris zich met meer dingen bezig hield dan alleen zieltjes winnen, maken de heren mij wel duidelijk. “Ik koos zoveel mogelijk de kant van de onderdrukte armen”, vertelt pater Schoen over zijn verblijf in de achterbuurten van miljoenenstad São Paulo. “We zaten daar met tien Montfortanen en hebben vooral geprobeerd de mensen bewust te maken van hun rechten. Dankzij ons in Brazilië een stukje sociaalvoelender geworden.”

Pater Derckx trok op zijn beurt door de binnenlanden van West-Borneo. Doktersposten, scholen en andere belangrijke voorzieningen moesten er nog opgezet worden. Derckx’ eerste klus, nadat hij in 1966 met vier andere pas gewijde priesters op missie was uitgezonden, was drie maanden werken in een polikliniek. “Wij hadden gangbare medicijnen in huis. Je hielp zo’n dorp en trok dan weer per bootje of te voet verder naar het volgende dorp”, zegt Derckx die later naar Java werd gestuurd. Daar kreeg hij uiteindelijk de leiding over alle Montfortanen in Indonesië.

Een ding is zeker: als hun gezondheid het had toegelaten, waren ze niet meer teruggekeerd naar Nederland. Geen wonder, want ze laten een bloeiende Montfortaner orde achter terwijl ze er dagelijks aan herinnerd worden dat het kloosterleven in Nederland een aflopende zaak is.


14.00 uur: Hoog bezoek op Bijsterveld

Om half één luidt de klok voor het middagmaal. Er is dit keer voor acht in plaats van vijf man gedekt. Op kasteel Bijsterveld vindt vandaag namelijk een bestuursvergadering plaats. Op 7 november van dit jaar werd Peter Denneman verkozen tot provinciaal overste van de Nederlandse provincie van de congregatie van de Montfortanen. Simon Kuijten is net als de Oirschotse overste Piet Derckx bestuurslid van de religieuze orde. Voor één van de laatste keren schuiven Denneman en Kuijten dus ook aan. Kuijten geeft tijdens het eten toe het moeilijk te vinden om bij ieder bezoek aan Oirschot het klooster nog leger aan te treffen, totdat hij straks helemaal niet meer hoeft te komen.

Traditiegetrouw wordt er ’s middags warm gegeten. En natuurlijk staat er Hollands pot op het menu. Na een aantal Weesgegroetjes kan de bloemkoolsoep opgeschept worden. Daarna krijgen we een maaltijd met aardappelen, groente en vlees voorgeschoteld en dan nog een toetje na. De paters vertellen verguld te zijn met al de media-aandacht die ze krijgen, maar ze balen wel een beetje van de reden dat ze in het nieuws komen. "We zijn nog nooit zoveel in de media gekomen als het laatste jaar, maar daarvoor moeten we wel eerst gaan verhuizen. Als we hier gewoon zouden blijven zitten, dan waren we niet interessant genoeg geweest."

Na het eten volgt er een gebed voor alle op 16 november overleden Montfortanen wereldwijd. Met slechts drie namen is de lijst deze middag kort. De twee oudste paters trekken zich snel terug in hun kamer, de rest trotseert de kou en maakt met mij een korte wandeling naar de Lourdesgrot 'in de achtertuin.' Tot het kloostercomplex behoort een groot park aangelegd in Engelse landschapsstijl, prachtig gehuld in herfstkleuren.

11.45 uur: Paters praten na over verloren voetbalwedstrijd

Paters Montfortanen zijn ook maar gewoon mensen. Bij het ontbijt houden ze hun eigen nabeschouwing van de voetbalwedstrijd Duitsland-Nederland. Van de nederlaag hebben ze trouwens niet wakker gelegen. Broeder Charles Heijnen informeert of het bij 3-0 is gebleven. Hij kon het gisteravond als enige niet langer aanzien en ging eerder slapen.

Na het ontbijt vraag ik pater Jo van Osch of ik hem op zijn kamer wat vragen voor de krant mag stellen. De negentigjarige pater kijkt eens bedenkelijk op zijn horloge, maar stemt in als het niet al te lang zal duren. Hij wil zich nog in stilte voorbereiden op de mis van 10.00 uur. Omdat overste Piet Derckx in vergadering is met het bestuur, moet hij de eucharistieviering voorgaan.

Van Osch woont al veertig jaar in het Oirschotse Montfortanenklooster. Als neerlandicus heeft hij de missionarissen opgeleid. Dat het afscheid in rap tempo nadert, vervult hem met weemoed. “Maar de dankbaarheid overheerst, want ik heb hier altijd heel gelukkig geleefd. De binding van ons Montfortanen met het dorp is ook goed geweest. Uit dankbaarheid hebben we daarom het klooster voor een schappelijke prijs aan de gemeente verkocht en niet aan een projectontwikkelaar”, aldus Van Osch. Het kloostercomplex werd al op 6 november 2009 aangekocht door de gemeente Oirschot. Totdat er definitieve plannen zijn gemaakt over de nieuwe bestemming van het monumentale pand, komen er antikrakers in te zitten.

Naast ondergetekende en de fotograaf is er welgeteld één gast bij de eucharistieviering. Hoewel het najaarszonnetje verraderlijk in zijn gezicht schijnt, kwijt Van Osch zich goed van zijn taak als voorganger. Je zou niet zeggen dat er een negentigjarige achter het altaar staat, zo levendig brengt hij Gods woord. De liederen worden wel als gebed uitgesproken, want met enkel een paar krakende stemmen is voorzingen niet meer te doen.

08.00 uur: Laatste der Montfortanen

De deur van het Montfortanenklooster in Oirschot staat voor mij, nu het nog kan, wagenwijd open. Immers, op 12 december trekken de paters zelf na 108 jaar noodgedwongen de deur van kasteel Bijsterveld achter zich dicht. Het kan zo niet langer voor de bejaarde paters en broeder die er nog wonen. “Zo groot en maar zo weinig mensen. Het is te stil hier in huis”, mijmert de 81-jarige Piet Schoen, één van de vier paters.

De reden dat ik als verslaggeefster van het Eindhovens Dagblad een dag met de paters beleef, is dat er met het vertrek van de Montfortanen een stukje Oirschots erfgoed verloren gaat. In de hoogtijdagen van het groot seminarie volgden meer dan honderd katholieke jongens hun priesteropleiding in het klooster aan de Montfortlaan. Het Montfortanenklooster was tot eind zestigerjaren een opleidingscentrum voor missionarissen. Vanuit Oirschot gingen de paters zendelingenwerk doen over de hele wereld. Na decennialang in verre oorden te hebben vertoefd, bleek bij thuiskomst Nederland zelf tot missieland verworden.

Overnachten is geen probleem en vrije kamers zijn er genoeg in het immense klooster. Na een gastvrije ontvangst heb ik de nacht doorgebracht in een grote logeerkamer. Getuige de twee deuren die vanaf de lange kloostergang toegang verschaffen, behoorde dit vertrek vroeger opgedeeld aan twee fraters toe. Ik ga me maar eens in het doolhof aan gangen wagen, op zoek naar de eetkamer voor het ontbijt en de kapel voor de ochtendviering. Maar toch vooral ook naar verhalen gegrepen uit het leven van de paters.