Volledig scherm

Opslag Belgische kernafval geeft 'onbehaaglijk gevoel'

BERGEIJK - Het Belgische plan om nucleair afval diep onder de grond in de grensstreek op te slaan, blijft voor onrust zorgen in de Kempengemeenten.

Hoewel de berging van kernafval volgens deskundigen niet direct gevaarlijk is, zijn de problemen als het onverhoopt tóch mis gaat niet te overzien in Nederland. Een informatiebijeenkomst over de plannen gisteravond in Bergeijk kon de zorgen niet wegnemen.

Tijdens een door de provincie georganiseerde avond hielden zowel de Belgische overheidsinstelling Niras als de Delftse professor aardwetenschap Theo Olsthoorn een presentatie. De hoogleraar werd in de arm genomen door de provincie Noord Brabant nadat de zuiderburen in 2010 met een plan kwamen om radioactief afval ondergronds op te slaan bij Mol, op maar een paar kilometer van Bergeijk. Op zo'n 200 meter diepte zou het afval daar in een betonnen omhulsel moeten worden opgeslagen in een kleilaag. Deze laag grenst aan grondwater dat richting Nederland stroomt. In Brabant wordt dit gebruikt als drinkwater.

"Een onheilspellend plan", aldus de Bergeijkse wethouder Frank van der Meijden. Olsthoorn begreep die kwalificatie wel. "Het geeft een onbehaaglijk gevoel om kernafval miljoenen jaren op te slaan op een diepte van 200 meter terwijl 50 meter daarboven een grondwaterlaag zit waar Nederland drinkwater van maakt'', vatte de hoogleraar de grieven samen. Toch is de opslag van kernafval in de kleilaag bij Mol volgens hem niet onveilig. "Wat dat betreft zijn er eigenlijk geen grote gevaren. Alleen voor wat betreft gasvorming rond Mol is aanvullend onderzoek van België nodig.''