Volledig scherm
Bell (l) en Britt Berghuis hebben nog twee kansen om zich te plaatsen voor de Winterspelen in Vancouver. foto Margarita Bouma/GPD

Vancouver komt te vroeg voor Britt en Bell

EINDHOVEN - De tweelingzusjes Berghuis zijn 2 rouwdouwers op een snowboard, met een olympische droom. Vancouver komt nog te vroeg.


Wat Bell en Britt Berghuis met hun snowboard doen, moet een toerist nooit proberen, waarschuwt de stoere tweeling. Daar is de boardercross veel te gevaarlijk voor. "Maar ik vind het enger om met kerst tussen alle vakantiegangers op de piste te staan", zegt Bell.

Het olympische nummer is een afdaling met springbulten, schansen en kombochten die ze in volle vaart nemen. En dat met vieren tegelijk. Al is dat laatste louter voor de beste zestien weggelegd en dat is alleen Bell pas één keer in een worldcup gelukt.

Zaterdag in het Oostenrijkse Bad Gastein werden beiden al in de kwalificaties (een soort tijdrit) geëlimineerd. Bell werd 24ste, Britt 33ste.


Plaatsing voor de Olympische Spelen is voor de meiden van 24 nu een hachelijke zaak geworden. Ze hebben nog maar twee kansen om óf twee keer in de top twaalf te komen óf één keer in de top acht. Bell: "Vancouver was ook niet het doel, maar toen ik vorig jaar in Argentinië ineens elfde werd, heb ik alles op alles gezet om het te kunnen halen. Ik heb afgelopen zomer twee keer zo hard getraind. Maar ik leg het gewoon af op ervaring. Dit is pas mijn derde jaar in deze sport – daarvoor was ik freestyle-boarder. Op punten waar ik nog schrik, rijden anderen zuiver." Boardercross is ondanks alle lichaamsbescherming die de deelnemers dragen een sport vol risico's. En die nemen alleen maar toe, omdat de schansen alsmaar hoger worden om het schouwspel spectaculairder te maken. Britt Berghuis scheurde vorig jaar in Bad Gastein een kruisband, nadat ze na een sprong ongelukkig landde. En die tweede zware knieblessure in haar snowboardcarrière hield haar tot half oktober uit de sneeuw.

Afgelopen weekend was ze voor de eerste keer terug op de plek des onheils. "In de wedstrijd had ik er niet zo'n last van, maar in de training van vrijdag ben ik er eerst drie keer omheen gereden om moed te verzamelen."

Bell brak vorig jaar op het olympische parcours van Vancouver haar arm en pols en heeft al een paar hersenschuddingen gehad. Niks bijzonders voor een snowboardcrosser. Britt: "Mijn pa, die in Florida woont, zegt vaak dat we er beter mee kunnen stoppen en onze studie commerciële economie moeten afmaken. Maar mijn moeder heeft fysiotherapie gestudeerd en die kan de situatie altijd goed inschatten."


Bell en Britt Berghuis wonen in Antwerpen bij hun moeder, al heeft Bell een huis op het oog in Breda. Daarvoor woonden ze met het hele gezin in Amerika en bijna 25 jaar geleden werd de tweeling in Zwitserland geboren. "Mijn vader werkt in de automobielindustrie - alles wat met plastic heeft te maken - en daarvoor moet hij in het buitenland wonen", zegt Bell. Hun coach Frank Germann is ook in Zwitserland geboren, maar heeft een Nederlandse moeder en woont al heel lang in Brabant (Hank, Tilburg en nu Berkel-Enschot). Bell: "We spreken alledrie de taal, dus als we in Zwitserland zijn, kunnen we heel gemakkelijk dingen regelen."

Dat treft: de volgende worldcup is komend weekend in Zwitserland (Veysonnaz).

Een typische 'Bell-actie', noemt Britt Berghuis het vuurwerkongelukje waarbij haar tweelingzus afgelopen nieuwjaarsnacht tweedegraads brandwonden aan haar hand opliep. "Ik wilde om twaalf uur iedereen een sterretje geven, dus ik stak er zes tegelijk aan.

Maar we waren met familie in Zwitserland en daar zijn die dingen iets heftiger dan in Nederland. En toen ging het dus mis. Soms ben ik net iets te enthousiast." Britt: "Ik denk meestal eerst twee keer na." Op de piste is het eerder andersom. "Bell is de technische rijder van ons twee, ik ben meer van de beuk erin gooien."

Maar het zijn allebei rouwdouwers, al van kinds af. Bell: " Toen we twee jaar waren, klommen we in onze slaapzakjes het bed uit en moest onze moeder ons uit de dakgoot plukken."

Twee jaar daarna hadden ze met hun broer, die zes jaar oud was, het plan opgevat om in de auto van hun opa te gaan rijden. "We hadden de handrem losgekregen, maar omdat de auto op een helling stond, reden we zo achteruit een maïsveld in. Om onze energie kwijt te kunnen, werden we op thaiboksen gestuurd. Wij waren geen meisjes voor barbiepoppen, zeg maar."

ED gebruikt je persoonsgegevens om deze reactie te kunnen plaatsen. Meer informatie vind je in ons privacy statement