Massaal gingen boze leraren de straat op: voor niets

Massaal gingen boze leraren woensdag de straat op. Voor niets. Hun wens voor structurele investeringen in het onderwijs werd niet ingewilligd. Een deel van de Kamer wil ze wel beloven, maar pas ná 2021. ,,Aan geduld heb ik niets.”

Al ruim vóór het begin van het debat over de onderwijsbegroting is de publieke tribune afgeladen. Leraren, schoolleiders, ouders en een enkel kind zitten op de groene stoeltjes. Op twee andere plekken in het Kamergebouw worden nog meer docenten opgevangen. Toch is de rij bij de ingang zo lang, dat de beveiliging leraren vraagt niet meer naar de Tweede Kamer te komen.

Niet dat in de plenaire zaal de boodschap klinkt die de boze docenten willen horen. Dat er tóch structureel geld wordt vrijgemaakt om de problemen aan te pakken. Tuurlijk, er zijn veel partijen die er hartstochtelijk voorstander van zijn. Maar de coalitiepartijen zijn niet te vermurwen: het blijft bij het grotendeels eenmalige pakket van zo’n 460 miljoen euro dat het onderwijsveld en Onderwijsminister Arie Slob vrijdagavond afspraken.