Volledig scherm
Playstation Classic vs Playstation X © Tweakers

Playstation Classic is mooi en schattig apparaat, maar laat flink wat steken vallen

ReviewTwee jaar achter elkaar bracht Nintendo een kleine variant van een oude console op de markt. Nu het daarbij een jaartje overslaat, springt die andere Japanse consolebouwer in het gat, met de PlayStation Classic. Dit is een kleine variant van de console waar het in 1994 voor Sony allemaal mee begon. Maar is de console anno 2018 nog wel interessant? Tweakers recenseerde het product.

Om te beginnen: Sony heeft goed gekeken naar de blauwdruk van Nintendo en iets gemaakt dat sterk lijkt op de NES Classic en SNES Classic, de mini’s die de afgelopen twee jaar rond de feestdagen verschenen. De PlayStation Classic is een miniatuuruitgave van de console die in 1994 in Japan op de markt kwam en bijna een jaar later in Europa zou verschijnen. De PlayStation Classic is schattig klein. De lengte, breedte en hoogte zijn tot ruwweg 45 procent van de originele afmetingen gekrompen, wat een kastje oplevert van 149 bij 105 bij 33 mm. Met 170 gram is het ook een heel stuk lichter dan het origineel.

Minder aanspreekbaar

Sony levert met de PlayStation Classic een erg mooi afgewerkte miniatuur van de console waar veel gamers dierbare herinneringen aan hebben, vooral doordat de PlayStation op grafisch gebied baanbrekend was. Het was de console die de doorbraak naar driedimensionale videospellen vertegenwoordigt, wat resulteerde in een aantal voor die tijd prachtige games. 

De tekst gaat door onder de afbeelding

Volledig scherm
© Reuters

Toch is dat ook meteen de reden waarom de PlayStation Classic minder aanspreekt dan de vergelijkbare miniconsoles van Nintendo. De tweedimensionale klassiekers uit de tijd van de SNES waren zo goed omdat tegen die tijd de gameplay helemaal uitgekristalliseerd was. Bij de PlayStation Classic geldt juist dat ontwikkelaars nog zoekende waren naar de juiste manier om die driedimensionale games te besturen. Bovendien zien de games er minder charmant uit dan de tweedimensionale games van een paar jaar eerder.

Steekjes vallen

Daarnaast laat de PlayStation Classic op technisch vlak wat steken vallen. De games lopen niet best, ondanks dat de hardware krachtig genoeg zou moeten zijn om de titels van destijds soepel te laten draaien. Dat komt vooral doordat Sony weinig aandacht heeft besteed aan de software die op de Classic draait. Er lijkt weinig tot geen optimalisatie te hebben plaatsgevonden, en Sony geeft spelers ook bijzonder weinig opties om zelf met instellingen te spelen. Dat is best gek, omdat die opties gedeeltelijk wel in de gebruikte software zijn opgenomen.

Klik hier voor de volledige recensie op Tweakers.net

Juist doordat de software waar de PlayStation Classic op draait opensource is, is het apparaat bijzonder gemakkelijk te hacken. Hierdoor kun je alsnog wat grafische instellingen wijzigen en andere games spelen dan de 20 die Sony heeft geselecteerd. Daarover gesproken: grote klassiekers zoals Tomb Raider, Spyro the Dragon en fan-favoriet Crash Bandicoot ontbreken allemaal. De 20 games die je wél krijgt zijn onder meer Resident Evil en Tekken 3. Allemaal op een klein kistje dat je zo onder de boom plaatst.

Dat is wellicht de grootste aantrekkingskracht van de Classic, je haalt er een schattige miniconsole mee in huis waarmee je al je favoriete games van destijds kunt spelen. Toch blijft daarbij overeind dat die games in veel gevallen minder goed draaien dan je zou wensen, en ook dat ze zich door de twee meegeleverde ouderwetse controllers minder prettig laten besturen. De PlayStation Classic is mooi, maar had wat meer aandacht van Sony verdiend.